We horen het vaak: dat je van je lichaam moet houden. Dat zelfliefde begint bij accepteren hoe je eruitziet, misschien zelfs bij het mooi vinden van jezelf. Maar wat als dat (nog) helemaal niet zo voelt?
Wat als je in de spiegel kijkt en vooral kritiek ziet? Of weerstand. Misschien zelfs afkeer. Dan kan die boodschap, dat je jezelf zou moeten accepteren of mooi zou moeten vinden, juist extra druk geven. Alsof je daar óók nog in tekortschiet.
Maar misschien begint het daar helemaal niet. Misschien begint het niet bij houden van, maar bij iets kleiners. Iets zachters. Iets wat dichterbij ligt.
Je lichaam accepteren betekent namelijk niet dat je het meteen mooi moet vinden. Het betekent niet dat je ineens blij bent met alles wat je ziet, of dat alle negatieve gedachten verdwijnen. Acceptatie zit vaak niet in grote, overtuigende gevoelens, maar in kleine verschuivingen.
Het begint bij het moment waarop je stopt met vechten. Waarin je je lichaam niet langer alleen ziet als iets dat anders moet. Waarin je voorzichtig kunt erkennen: dit is mijn lichaam, op dit moment. Niet omdat het perfect is, maar omdat het er is.
Vaak kijken we naar ons lichaam door een lens van oordeel. Gedachten die snel en automatisch komen: het is te veel, niet goed genoeg, het moet anders. We zijn zo gewend geraakt aan die manier van kijken, dat het bijna voelt als de waarheid.
Maar wat zou er gebeuren als je dat oordeel, al is het maar heel even, iets zachter maakt? Niet door het meteen te vervangen door iets positiefs, maar door het simpelweg op te merken. Door te kijken zonder direct te beoordelen.
Niet: wat vind ik hiervan? Maar: wat zie ik eigenlijk? Dat is geen eindpunt. Het is een begin.
In een wereld waarin uiterlijk zo’n grote rol speelt, vergeten we soms wat een lichaam óók is. Het is niet alleen iets om naar te kijken, maar iets dat je draagt. Iets dat je helpt bewegen, voelen, ervaren. Iets dat er elke dag voor je is, ook op momenten dat jij er misschien niet mild voor bent.
Dat betekent niet dat je daar meteen dankbaar voor moet zijn, door de weerstand die je voelt kan dat nog moeilijk zijn. Maar misschien kun je stap voor stap ruimte maken voor een andere manier van kijken. Minder vanuit strijd, meer vanuit nieuwsgierigheid.
Tussen afkeer en liefde zit namelijk nog een hele wereld. Het hoeft niet zwart-wit te zijn. Je hoeft niet van jezelf te houden om stappen te zetten richting acceptatie. Soms is het al genoeg om te zeggen: ik vind het nog moeilijk, en dat is oké.
In die ruimte kan iets nieuws ontstaan. Iets dat minder hard is. Minder dwingend. En deze zachtheid is precies wat je nodig hebt om te kunnen herstellen.
Misschien helpt het om klein te beginnen. Door af en toe even stil te staan bij wat je lichaam voor je doet, in plaats van hoe het eruitziet. Door kleding te dragen waarin je je iets vrijer voelt. Door jezelf toe te spreken zoals je dat bij een ander zou doen.
Niet omdat het meteen alles verandert, maar omdat het richting geeft.
En misschien helpt het om jezelf hier af en toe aan te herinneren: je hoeft je lichaam niet mooi te vinden om er goed voor te zorgen. Je mag het moeilijk vinden en toch vriendelijk zijn. Je waarde zit niet in je uiterlijk. En je mag dit stap voor stap leren.
Je lichaam accepteren is geen eindpunt dat je bereikt en daarna vasthoudt. Het is een proces dat beweegt, net als jij. Met dagen waarop het iets makkelijker gaat, en dagen waarop het weer schuurt. Maar ook op die dagen kun je iets doen wat helpt.
Misschien is het genoeg om vandaag één moment iets minder streng te zijn voor jezelf.
Soms is “het toch doen” al meer dan genoeg.
Hulp nodig?
Voel je vrij om contact met ons op te nemen, een informatiebijeenkomst bij te wonen of je direct aan te melden voor de behandeling. We staan voor je klaar en helpen je graag!



